Inclusie

Het hebben van een persisterende infectie, chronische Lyme, betekent dat je te maken krijgt met grote eenzaamheid. Als je chronische Lyme hebt, ben je altijd ziek. Dat is als gezond mens niet voor te stellen, maar dat maakt ook dat het duidelijk is dat er iets mis is als iemand zegt ik ben altijd beroerd, heb altijd pijn en geen belastbaarheid.

Dit betekent dat je niet meer mee kunt komen met de sterken in de maatschappij, de mensen die gewoon een dag beleven zonder dat ze continu geconfronteerd worden met ziek zijn. Daardoor is er snel sprake van exclusie, dat zich vooral op het sociale vlak afspeelt.

Kind op de basisschool

Een kind dat naar de basisschool gaat,  kan niet meer meekomen in het speelgedrag van zijn leeftijdgenootjes. Dat gaat opvallen, omdat ze het energiepeil niet meer bijhouden. Als ze spelen in de speeltuin, kan het kind niet meekomen met zijn vriendjes en vriendinnetjes. Het gaat er buiten vallen. Ook het ziek zijn neemt toe, waardoor het verzuim gaat toenemen. In de sport is dit ook duidelijk merkbaar. Ook daar laat de conditie van het kind het afweten, waardoor het juist niet steeds beter wordt in de sport maar steeds meer aan de kant moet gaan zitten. Ook hier wordt het kind dan buitengesloten.